De pluim
De weerpluim voor Nederland
Een pluim toont niet één verwachting maar de hele bundel mogelijke uitkomsten: elke lijn of band is een doorgerekende versie van de komende dagen. Loopt de bundel uit elkaar, dan is de dag nog niet beslist. Deze pluim geldt voor het rekenpunt midden in het land (weerzone Utrecht en Heuvelrug).
Acht dagen, met de spreiding erbij
Het donkere vlak is de helft van de ensembleleden, het lichte vlak vier van de vijf. De lijn is de gewogen mediaan, de stippen zijn de zes losse modellen. Onder elke dag staat de breedte van het lichte vlak.
Vandaag zit tachtig procent van de ensembleleden binnen 1,0 °C, op de laatste dag binnen 6,0 °C. Die verbreding is de onzekerheid zelf.
Hoe lees je een weerpluim?
Het donkere vlak bevat de helft van de ensembleleden, het lichte vlak vier van de vijf. De lijn is de gewogen mediaan van de zes hoofdmodellen; de stippen zijn die modellen los. Dag 1 is vrijwel een streep, dag 8 een waaier: die verbreding is de onzekerheid zelf, het deel dat een gewone weersverwachting wegpoetst.
De bekendste pluim van Nederland is die van het KNMI voor De Bilt; ook Wetterzentrale en Meteociel tonen pluimen per model. Deze pluim combineert de ensembleleden van ECMWF, GFS en ICON en legt daar de zes losse hoofdmodellen naast, zodat overeenstemming en verschil in één beeld staan.
De pluim voor jouw regio
Elke weerzone heeft zijn eigen achtdaagse pluim op de zonepagina, en elk Waddeneiland een eigen peiling. Hoe vaak de peiling uitkwam staat op de scorekaart; welke van de zes modellen het dichtst bij de metingen zat op de modellenpagina.